Ontkieming en zaaien 🌱
Zaaien
Het zaaien klinkt simpel, maar het is een belangrijke stap. Kleine dingen zoals hoe diep je zaait of hoeveel je water geeft kunnen veel invloed hebben.
Het eerste belangrijke onderdeel is hoe diep je het zaadje moet zaaien. Een goede richtlijn is dat het zaadje niet dieper ligt dan 1 tot 2 keer zijn eigen grootte. Te diep zaaien kost het zaadje namelijk te veel energie om boven te komen. Maak een klein gaatje, leg daar het zaadje in en bedek het daarna met een dun laagje substraat. Niet hard aandrukken, zodat het zaadje lucht en ruimte houdt.
Het volgende onderdeel is soms wat lastiger: hoe weet je wat de bovenkant en wat de onderkant van het zaadje is? Bij sommige zaden kun je aan een klein puntje of gaatje zien waar het worteltje straks uit komt. Dat is het kiemgaatje, en die kant leg je naar beneden. Zie je dit niet? Dan plant je het zaad gewoon horizontaal: de natuur lost de rest op.
De standplaats van je potje is ook een belangrijk onderdeel in deze fase. Zaden hebben geen fel licht nodig, maar staan wel graag op een plek met veel indirect zonlicht. Direct zonlicht kan ervoor zorgen dat de grond te snel uitdroogt en is daarom niet aan te raden.
Tijdens de ontkiemingsfase is de juiste locatie belangrijk om uitdroging, temperatuurschommelingen en stress voor je bonsai te voorkomen. Waar je de pot neerzet hangt af van het type boom dat je zaait.
Tropische soorten (bijv. Ficus, Bodhi)
Ontkiemen bij stabiele warmte en indirect licht. Zet de pot binnen, bij voorkeur op een oost- of noordraam of een lichte plek zonder directe middagzon.
Subtropische soorten (bijv. Chinese Iep)
Ontkiemen bij licht en gematigde temperaturen. Dit kan binnen, op een lichte plek zonder harde middagzon, bijvoorbeeld in een woonkamer of kantoor. Zorg dat de plek niet tochtig is en niet vlak boven een verwarming.
Bladverliezende soorten (bijv. Acer, Zelkova)
Ontkiemen kunnen binnen of buiten, zolang de grond niet uitdroogt en er voldoende licht is. Binnen kies je een licht raam zonder middagzon, buiten werkt een half schaduwplek met ochtendzon goed.
Naaldbomen (bijv. Den, Juniperus)
Kunnen binnen ontkiemen als er voldoende licht en frisse lucht is, bijvoorbeeld bij een raam op het oosten of noorden. Buiten ontkiemen kan ook op een beschutte plek met licht/half schaduw, zodat de grond niet te snel uitdroogt.
❗️ Hygiënisch werken is een must bij zaailingen omdat zaadjes gevoelig zijn voor schimmel door de vochtige omstandigheden. Gebruik daarom schone potjes en vers substraat. Houd de grond licht vochtig, niet drijfnat, en zorg dat er altijd wat lucht bij kan komen. Als je toch schimmel ziet ontstaan, haal dit dan netjes weg met een schoon wattenstaafje of stukje keukenpapier en verwijder indien nodig het bovenste laagje substraat.
💡 Tip: een beetje condens is normaal wanneer je een zakje of kapje gebruikt. Grote druppels of een muffe geur betekenen dat er te weinig lucht bij kan komen. Zorg er dan voor dat je wat meer lucht toelaat bij je bonsai zaadje, bijvoorbeeld door wat gaatjes in het zakje te prikken.
Even kort samengevat, wat heeft je zaadje nodig om te kunnen kiemen:
- een licht vochtige grond
- voldoende licht, maar geen brandende middagzon
- een verhoogde luchtvochtigheid, bijvoorbeeld door er een zakje overheen te plaatsen (let er wel op dat er voldoende lucht bij kan komen)
- een klein beetje geduld ;)
Na de kieming
Zodra het eerste blaadje verschijnt, begint de zaailingfase. Dit is een fase waarin je boompje heel kwetsbaar is. In deze fase richten we ons vooral op het ontwikkelen van wortels en het opbouwen van energie voor je bonsai. Energie opbouwen betekent dat je bonsai gezonde wortels en bladeren maakt, zodat hij genoeg kracht heeft om goed te groeien en later gevormd te worden. Hierbij is het erg belangrijk om:
- De grond vochtig en luchtig te houden, dit kan je doen door je substraat te verversen en elke paar dagen even te checken of het substraat nog vochtig is.
- Te zorgen voor voldoende licht, waarbij belangrijk is dat je de bonsai niet in de felle middagzon zet.
- Grote temperatuurverschillen te vermijden, dus even uitkijken met tochtige plekken zoals bij een raam of boven een verwarming.
- Het minikasje stap voor stap te verwijderen, gedurende een periode van 3 dagen langzaam het zakje of kapje verwijderen zodat je bonsai kan wennen aan zijn nieuwe omgeving.